Turbo’s uitgelegd: zo werken hefboom, Long, Short en stop-loss

kopen van een turbo of speeder en beleggen als een speedboat

Inhoudsopgave

Beleggen met een kleine inleg voor een snelle winst

De meeste beleggers vinden het leuk en spannend om een klein deel van hun portfolio te gebruiken voor een korte trade en een relatief grote winst te maken.

De turbo (soms speeder, sprinter of booster genaamd) is een perfect beleggingsinstrument waarmee je met een kleine inleg groot rendement kunt halen.

Dat klinkt aantrekkelijk. En dat is het soms ook. Maar zoals bij een speedboot geldt: harder gaan, betekent ook sneller uit de bocht kunnen vliegen.
Een turbo kan je rendement flink versnellen. Helaas geldt dat ook voor je verlies.

 

Wat is een turbo?

Een turbo is een hefboomproduct waarmee je kunt inspelen op de koersontwikkeling van bijvoorbeeld:

  • Een aandeel
  • Een index
  • Een valuta
  • Een grondstof

Denk bijvoorbeeld aan de AEX, EUR/USD of een aandeel als Wolters Kluwer.
Het fijne van een turbo is, dat je niet de volledige waarde van de onderliggende belegging hoeft te betalen. Een deel wordt gefinancierd door de uitgever van de turbo.

Dat gefinancierde bedrag is het financieringsniveau. Daardoor kun je met een relatief klein bedrag een grotere positie innemen. 

Wat betekent de hefboom?

De hefboom bepaalt hoe sterk de turbo reageert op een beweging van de onderliggende waarde.

Stel dat een turbo een hefboom van 5 heeft. Dan geldt heel simpel:

1% beweging in de onderliggende waarde ≈ 5% beweging in de turbo.
Gaat de onderliggende waarde 2% omhoog. –> Dan stijgt de turbo ≈ 10%.
Maar gaat de onderliggende waarde 2% omlaag. –> Dan daalt de turbo ook ≈ 10%.

De hefboom werkt dus 2 kanten op.

 

Turbo Long of Turbo Short - speculeren op een stijgende of dalende koers

Je kunt met turbo’s zowel op een stijging als op een daling inspelen.

Turbo Long

Je verwacht dat de onderliggende waarde gaat stijgen.

Bijvoorbeeld: “Ik denk dat de AEX de komende weken gaat stijgen.”

Dan kun je kijken naar een Turbo Long op de AEX.

Turbo Short

Je verwacht juist een daling. Bijvoorbeeld: “Ik denk dat Wolters Kluwer verder gaat dalen.”

Dan kun je een Turbo Short op Wolters Kluwer kopen.

Dat is 1 van de beste eigenschappen van turbo’s: je kunt er makkelijk mee inspelen op zowel stijgende als dalende markten.

 

Voorbeeld 1: Turbo op EUR/USD

Stel dat je verwacht dat de Euro sterker wordt ten opzichte van de Dollar.

Je kiest daarom een Turbo Long op EUR/USD.

We kijken naar 3 verschillende hefbomen.

HefboomBeweging EUR/USDBeweging turbo*
3x+2%+6%
5x+2%+10%
10x+2%+20%

Een beweging van slechts 2% in EUR/USD kan bij een hefboom van 10 dus ongeveer 20% effect hebben op je turbo.

Dat klinkt natuurlijk aantrekkelijk. Maar als we de tabel omdraaien, is het verlies aanzienlijk. Dan wordt de turbo ineens een stuk minder gezellig.

HefboomBeweging EUR/USDBeweging turbo*
3x-2%-6%
5x-2%-10%
10x-2%-20%

*Vereenvoudigd rekenvoorbeeld, exclusief kosten, financiering, spread en eventuele wisselkoerseffecten.

Bij een turbo op een buitenlandse onderliggende waarde kunnen bovendien wisselkoerseffecten een rol spelen, afhankelijk van het type turbo. Sommige producten zijn bijvoorbeeld ‘quanto’, waarbij de uitgever het valutarisico afdekt.

Voorbeeld 2: Turbo op de AEX

Stel dat de AEX op 1080 punten staat en jij verwacht een stijging.

Je koopt een Turbo Long op de AEX.

De AEX stijgt uiteindelijk met 3%.

Wat gebeurt er met verschillende hefbomen?

HefboomAEXTurbo*
3x+3%+9%
5x+3%+15%
10x+3%+30%

Met een hefboom van 10 zorgt een stijging van 3% van de AEX dus voor ongeveer 30% stijging van de turbo.

Maar ook hier werkt het andersom:

HefboomAEXTurbo*
3x-3%-9%
5x-3%-15%
10x-3%-30%

Een paar procent beweging op de beurs kan dus een behoorlijk verschil maken in je turbo. En dat is precies waarom turbo’s interessant én risicovol zijn.

Voorbeeld 3: Short op Wolters Kluwer

Nu een voorbeeld waarbij we juist op een daling speculeren.

Stel dat je verwacht dat het aandeel Wolters Kluwer gaat dalen. Je koopt daarom een Turbo Short.

Het aandeel daalt 4%.

Bij verschillende hefbomen ziet het plaatje er ongeveer zo uit:

Hefboom

Koers Wolters Kluwer

Turbo Short*

3x

-4%

+12%

5x

-4%

+20%

10x

-4%

+40%

Hier zie je mooi waarom een Turbo Short interessant kan zijn. Het aandeel daalt 4%, maar de turbo met hefboom 10 stijgt ongeveer 40%.

Maar stel dat Wolters Kluwer helemaal niet doet wat jij verwacht. Het aandeel stijgt 4%.

Dan wordt het:

Hefboom

Koers Wolters Kluwer

Turbo Short*

3x

+4%

-12%

5x

+4%

-20%

10x

+4%

-40%

Dezelfde hefboom die je winst versnelt, versnelt dus ook je verlies.

*Vereenvoudigd voorbeeld, exclusief kosten en andere factoren die de daadwerkelijke koers van een turbo beïnvloeden.

Voorbeeld als je € 1.000 gaat inleggen op een turbo met een hefboom 5

Laten we het nog eenvoudiger maken.

Je hebt € 1.000 en koopt een turbo met een hefboom van 5.

Je hoeft dus niet ineens € 5.000 op je rekening te hebben staan om een positie met een vergelijkbare koersgevoeligheid te hebben.

Stel dat de onderliggende waarde 4% stijgt.

Dan zou de turbo bij benadering:

4% × 5 = 20%

stijgen. Je € 1.000 wordt dan ongeveer € 1.200.

Maar daalt de onderliggende waarde 4% –> Dan verlies je ongeveer 20%. 
Je € 1.000 wordt dan ongeveer € 800.

Situatie

Turbo LV 5

Turbo  € 1.000

Koers stijgt 4%

+20%

Winst € 200
totaal € 1.200

Koers daalt 4%

-20%

Verlies € 200
totaal € 800

En dan is er nog de stop-loss

Iedere turbo heeft een stop-lossniveau.

Dit is een vooraf bepaald niveau van de onderliggende waarde waarbij de turbo automatisch wordt beëindigd.

Waarom?

Omdat de uitgever een groot deel van de onderliggende waarde financiert. Als de koers te ver de verkeerde kant op gaat, moet de positie worden afgewikkeld.

Je kunt de stop-loss zien als een soort noodrem. Alleen is het geen noodrem waar je zelf nog even rustig aan kunt trekken.

Wordt het stop-lossniveau bereikt, dan wordt de turbo beëindigd. Afhankelijk van het type turbo kan er nog een restwaarde zijn. Bij sommige typen, zoals bepaalde BEST/limited turbo’s, kan die restwaarde nul zijn.

Hoe hoger de hefboom, hoe dichter bij de afgrond

Dit is misschien wel het belangrijkste om te onthouden.

Een hogere hefboom betekent meestal dat het financieringsniveau dichter bij de actuele koers van de onderliggende waarde ligt.

Daardoor ligt ook het stop-lossniveau relatief dichtbij.

Een turbo met hefboom 3 heeft dus doorgaans veel meer ruimte dan een turbo met hefboom 10. Je wordt niet zo snel uitgestopt.

Turbo's zijn niet gratis

Een turbo lijkt soms bijna te mooi om waar te zijn.

Je hoeft immers maar een relatief klein bedrag in te leggen en krijgt toch een flinke blootstelling aan de onderliggende waarde.

Maar er zijn kosten.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • De spread tussen bied- en laatprijs
  • Financieringskosten
  • Transactiekosten
  • Eventuele kosten of effecten die samenhangen met de specifieke structuur van het product
  • Bij buitenlandse onderliggende waarden eventueel valutarisico

De financieringskosten worden verwerkt in het financieringsniveau en kunnen daardoor invloed hebben op de waarde van de turbo.

Een turbo is daarom vooral interessant als je goed begrijpt wat je koopt en hoe lang je de positie wilt aanhouden.

Turbo's versus aandelen

Wat is nu het verschil? Stel dat je €1.000 hebt.

Aandeel

Je koopt voor €1.000 aandelen.

Stijgt het aandeel 5%. –> Dan heb je ongeveer €50 winst.

Daalt het aandeel 5%. –> Dan heb je ongeveer €50 verlies.

Turbo met hefboom 5

Stijgt de onderliggende waarde 5%. –> Dan is het effect ongeveer +25%.

Je € 1.000 wordt ongeveer € 1.250.

Daalt de onderliggende waarde 5%. –> Dan is het effect ongeveer -25%.

Je € 1.000 wordt ongeveer € 750.

Dat is dus een behoorlijk verschil.

 

Is een turbo interessant voor jou?

Turbo’s kunnen interessant zijn als je:

  • Een duidelijke visie hebt op de richting van een markt
  • Met een hefboom wilt beleggen
  • Wilt inspelen op zowel stijgende als dalende koersen
  • Je risico vooraf goed hebt bepaald
  • Toegang wilt tot verschillende markten

Maar ze zijn minder geschikt als je eigenlijk denkt:

  • “Ik wil mijn verlies snel terugverdienen.”
  • “Deze YouTuber zei dat het een makkie was.”
  • “Hoe moeilijk kan het zijn?”
  • “Ik weet niet wat de beurs gaat doen, maar deze turbo is goedkoop.”
    Een turbo van €1 is namelijk niet automatisch minder risicovol dan een turbo van €10.

De prijs van de turbo zegt weinig zonder naar de hefboom, het financieringsniveau en de stop-loss te kijken.

 

De notering van de turbo uitgelegd

Drie voorbeelden van Turbo’s bij DEGIRO.
Wat betekenen al die afkortingen? Waar zie je de hefboom?

1 BNP EUR/USD Turbo Short SL 1.2118 STR 1.2365 R 0.010 LV 14.01
2 SG Oil Brent Future BEST Turbo Long SL 55.7644 FN 55.7644 R 10 LV 2.7
3 BNP AEX Booster Long SL 858.5100 STR 858.5100 R 50 LV 4.27

Notatie

Betekenis

SL

Stop-lossniveau

STR

Strike/financieringsniveau bij BNP Paribas

FN

Financieringsniveau bij Société Générale

R

Ratio: hoeveel turbo’s nodig zijn om één eenheid van de onderliggende waarde te volgen

LV

Leverage / hefboom

 

1. BNP EUR/USD Turbo Short

BNP EUR/USD Turbo Short SL 1.2118 STR 1.2365 R 0.010 LV 14.01

Dit ziet er ingewikkeld uit, maar je kunt het eigenlijk stap voor stap lezen:

  • EUR/USD Turbo Short → je verwacht dat EUR/USD gaat dalen.
  • SL 1.2118 → het stop-lossniveau ligt op 1,2118.
  • STR 1.2365 → het financierings-/strike-niveau ligt op 1,2365.
  • R 0.010 → de ratio is 0,010.
  • LV 14.01 → de actuele hefboom is ongeveer 14x.

Dus heel simpel:

Als EUR/USD ongeveer 1% daalt, zal deze turbo ongeveer 14% stijgen.

 

2. Société Générale Brent Oil BEST Turbo Long

SG Oil Brent Future BEST Turbo Long SL 55.7644 FN 55.7644 R 10 LV 2.7

Deze is interessant omdat je hier BEST ziet staan.

  • Oil Brent Future → de onderliggende waarde is een Brent-olie future.
  • BEST Turbo Long → je speculeert op een stijging van de olieprijs.
  • SL 55.7644 → stop-loss op 55,7644.
  • FN 55.7644 → financieringsniveau op 55,7644.
  • R 10 → ratio 10.
  • LV 2.7 → hefboom ongeveer 2,7x.

Hier valt iets belangrijks op:

SL = FN

Dat is typisch voor een BEST Turbo. Bij BEST- en Limited-Turbo’s zijn stop-loss en financieringsniveau gelijk. Daardoor is er geen buffer tussen beide niveaus. Wordt het niveau geraakt, dan is de restwaarde bij een BEST Turbo in principe nul.

Een hefboom van 2,7 betekent: 

Brent +1% → turbo ongeveer +2,7%

De hefboom is hier relatief laag. Je hebt dus meer bewegingsruimte dan bij bijvoorbeeld de EUR/USD Turbo met hefboom 14.

3. BNP AEX Booster Long

BNP AEX Booster Long SL 858.5100 STR 858.5100 R 50 LV 4.27

Ook hier zijn SL en STR gelijk.

  • AEX Booster Long → je verwacht een stijgende AEX.
  • SL 858,51 → stop-lossniveau.
  • STR 858,51 → financierings-/strike-niveau.
  • R 50 → ratio 50.
  • LV 4,27 → hefboom ongeveer 4,27x.

Bij een stijging van de AEX van bijvoorbeeld 2% zou je dus heel grofweg kunnen denken aan:

2% × 4,27 = +8,54%

voor de Booster.

Daalt de AEX 2%, dan is het ongeveer:

2% × 4,27 = -8,54%

 

Uitleg Turbo's in een overzichtelijke tabel

TurboRichtingStop-lossFin. niveauRatioHefboom
BNP EUR/USD Turbo Short📉 EUR/USD daling1,21181,23650,01014,01x
SG Brent BEST Turbo Long📈 Brent stijging55,764455,7644102,7x
BNP AEX Booster Long📈 AEX stijging858,51858,51504,27x

 

Handige regels om te beginnen met turbo's

Als je met turbo’s wilt beginnen, zou ik het simpel houden.

1 Begrijp de hefboom

Weet hoeveel procent je turbo ongeveer beweegt als de onderliggende waarde 1% beweegt.

2 Kijk altijd naar de stop-loss

Bekijk eerst bij welke koers je wordt uitgestopt. Hoe groot is je verlies? Daarna pas kijken welke winst mogelijk is. 

3 Start met het kopen van 1 turbo en geef ook meteen een verkooporder

Turbo’s kunnen je portefeuille interessanter maken. Zeker als je de eerste paar keren meteen een flinke winst maakt. Laat je niet verleiden om je (lange termijn) portefeuille vol te stoppen met turbo’s. Koop pas je turbo nadat je hebt opgeschreven met welke winst en verlies je de turbo weer gaat verkopen.

**

**Let op: de voorbeelden in dit artikel zijn vereenvoudigde rekenvoorbeelden en geen beleggingsadvies. De daadwerkelijke waardeontwikkeling van een turbo kan afwijken door onder andere financieringskosten, spread, ratio, wisselkoersen en de specifieke voorwaarden van het product. Turbo’s zijn complexe financiële instrumenten en je kunt je volledige inleg verliezen.

 

Heb je nog vragen?

Beleggings Trainingen - Suzanne Terveen

stuur gerust een app / mailtje.